financien_weeshuis
Dit is een oude revisie van het document!
Financiering van het Burgerweeshuis
Het Burgerweeshuis was “een stichting der stad”. Wat het weeshuis behoefde moest de stad dus betalen (J. Ter Gouw, 1885). In 1553 werd er wekelijks “met de schel” gecollecteerd voor het weeshuis ; dit deed een belleman, gekleed in een halfrode/halfzwarte mantel (de kleuren van de weeskleding) (Van Gelder, 1983). Een andere inkomstenbron was de schouwburg, dat in bezit was van de regenten van het weeshuis die het samen met de oprichters van de oudemannen- en oudevrouwenhuizen. Van de opbrengsten kwam 2/3e ten goede aan het weeshuis en 1/3e aan de oudemannen- en oudevrouwenhuizen.
1.
^
Johannes (Jan) Ter Gouw, 1885. Geschiedenis van Amsterdam. Boek IV. Amsterdam: Scheltema en Holkema, pp.428-429.
2.
^
Roelof van Gelder, Renée Kistemacher, 1983. Amsterdam 1275-1795: de ontwikkeling van een handelsmetropool. Bijgewerkte, Nederlandse editie. Amsterdam: Meulenhoff Informatief, pp.270, ISBN 9029095245.
financien_weeshuis.1413063084.txt.gz · Laatst gewijzigd: 2024/11/18 17:01 (Externe bewerking)